Zoetermeer,
30
oktober
2015
|
00:00
Europe/Amsterdam

“Wecycle is partner in de circulaire economie”

Interview met Wim Schonk en Jan Storm

Wim Schonk was de afgelopen zeven jaar als bestuursvoorzitter betrokken bij de professionalisering en expansie van Wecycle. Jan Storm is hem op 1 oktober opgevolgd. Zij vertellen bevlogen over het werk dat ‘hun’ organisatie doet, als ketenregisseur in de inzameling en verwerking van e-waste. “Wij zijn een heel eind gekomen. Maar er is nog zoveel mogelijk.

Wat was uw opdracht?

Wim Schonk: “Beleid en uitvoering liepen door elkaar heen bij de NVMP. Dat begon te knellen bij de uitvoering, die voor de uitdaging stond om het inzamelvolume sterk op te voeren. Het bestuur besloot tot een splitsing van de NVMP in een Vereniging van productstichtingen, die het beleid bepaalt, en een Stichting waarin de uitvoeringsorganisatie is ondergebracht. Ik werd bij de splitsing in 2007 bestuurslid van de Stichting en een jaar later volgde ik Willem Canneman op als voorzitter. De Stichting moest een professionaliseringsslag maken en

wij haalden Jan Vlak binnen om daar leiding aan te geven. Jan had de ervaring en de juiste instelling. Hij haalde de benodigde deskundigheid binnen op het gebied van logistiek, procestechniek, aanbesteding en communicatie. Het is een professionele organisatie geworden die bedrijfsmatig wordt gerund. Tegelijk moest

de verhouding tussen de beleidsmakers enerzijds en de uitvoeringsorganisatie anderzijds worden verzakelijkt. De Stichting, die werd omgedoopt tot Wecycle, ging dienstverleningsovereenkomsten sluiten met elk van de productstichtingen die lid zijn van de Vereniging NVMP. Dat gaf de productstichtingen duidelijkheid wat zij konden verwachten tegen welke kosten. Het liet ook ruimte voor de verschillende productstichtingen om op grond van hun specifieke belangen prioriteiten te stellen of specifieke inzet van Wecycle te vragen.”

Hoe ging u daarmee om?

Schonk: “Het hielp dat Jan Vlak en ik, als relatieve buitenstaanders, een neutrale kleur hebben. Zonder alliantie met gevestigde belangen in het veld, kun je onbevangen het gesprek aangaan. Maar het belangrijkste was dat Wecycle resultaten boekte. Het ingezamelde volume is vanaf de inzet van de professionaliseringsslag in 2008 sterk gegroeid. In combinatie met professioneel aanbesteden van de contracten voor transport en recyclen leverde dat een sterke kostenreductie op. In zeven jaar tijd zijn de kosten per kilo ingezameld en verwerkt

e-waste gehalveerd. Daarnaast gingen de kwaliteit van proces en recyclingresultaat omhoog. Wecycle zette al heel vroeg in op kwaliteitsnormen als lid van het WEEE Forum, de Europese koepel van inzamelsystemen. Daar is de WEEELABEX-certificering uit voortgekomen die in Nederland inmiddels verplicht is voor alle verwerkers van e-waste. Met gemeenten en detailhandel zijn afspraken gemaakt over een vergoeding voor hun bijdrage in de inzameling, wat de basis legt voor een productieve samenwerkingsrelatie. Wij hebben inmiddels 10.000 inzamelpunten in Nederland. En Wecycle heeft veel gedaan om te zorgen dat consumenten en bedrijven die inzamelpunten weten te vinden. In opdracht van de productstichtingen hebben wij doorlopend campagnes en acties gevoerd in de media, in gemeenten en winkels, in de groothandel en bij installateurs en op scholen

en kinderboerderijen. Mensen zijn zich veel meer bewust geworden van de noodzaak om afgedankte elektrische apparaten en lampen gescheiden in te leveren. De naamsbekendheid van Wecycle is 62 procent: dat zegt wel wat.”

Missie volbracht?

Wim Schonk glimlacht. Jan Storm: “Wecycle is een enorm professionele organisatie die heeft laten zien dat zij zich inzet voor de duurzaamheidsagenda. Die staat er goed op bij het rijk en de gemeenten, bij de detailhandel, bij verwerkers en bij de producenten die via de opdrachtgevende productstichtingen deelnemen. Maar in de samenwerking met al die stakeholders kunnen wij nog zoveel meer bereiken.”

Storm kent alle geledingen in de keten. Hij werkte als manager en als wethouder voor de gemeente, vervulde managementposities bij afvalbedrijven in Nederland en België en was van 2005 tot 2013 directeur van Nedvang, het inzamelsysteem voor verpakkingsafval. Vanuit die laatste functie kent hij Wim Schonk en begrijpt hij de positie en mogelijkheden van ‘zuster-systeem’ Wecycle.

“Wecycle werkt bijvoorbeeld in partnership met gemeenten door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan een baan te helpen in een Service Center, waar zij de voordemontage van afgedankte apparaten doen. Gemeenten staan daarnaast voor de uitdaging van het initiatief Van Afval Naar Grondstof, VANG, om binnen zeven jaar zeventig procent van hun afvalstromen te recyclen. Wij kunnen hen daarbij helpen door formats te ontwikkelen op het gebied van e-waste. Er zit bij de verschillende ketenpartijen zoveel kennis en ervaring. Als wij die weten te combineren kunnen wij een win-win-situatie creëren.”

Wecycle is niet meer het enige inzamelsysteem. Is dat een zegen of een straf?

Schonk: “Als je succes hebt, lokt dat navolging uit. WEEE Nederland komt voort uit de recyclingindustrie en wil een regierol gaan spelen die vergelijkbaar is met die van Wecycle. Het zij zo. RTA doet dat al langer in de niche voor professionele apparatuur en ook daar hebben wij geen moeite mee. Het houdt ons scherp. Het herinnert ons eraan dat wij altijd moeten inzetten op scherper, sneller en beter. Wij kunnen dat doen met een bewezen systeem met een stevig track record.”

Storm: “Overigens vind ik dat de marktwerking vooral tussen de transporteurs en verwerkers plaats moet vinden, in de uitvoering van het werk dat de ketenregisseur uitgeeft. Dat zijn partijen die in een tender dingen om het werk en die daarmee geprikkeld worden om te innoveren en te verbeteren. Je wint zo’n tender nu eenmaal op het optimum van hoge kwaliteit tegen een scherpe prijs. Of er nu een of meer regisseurs zijn die het werk uitgeven, maakt niet zoveel uit. In Frankrijk is het zelfs officieel uitgangspunt dat de regisseur, net als Wecycle, geen winstoogmerk mag hebben. Daar kan ik me veel bij voorstellen, zeker als ik kijk naar Duitsland met zijn commerciële regisseurs. Je wilt een partij die naast het winstgevende e-waste ook alle probleemstromen aanpakt, ook als dat ten koste gaat van het financiële resultaat.”

Is er nog terrein te winnen voor Wecycle?

Schonk: “Er valt nog veel te doen, maar het gaat er niet per definitie om dat er meer e-waste via Wecycle of onder contract met Wecycle wordt verwerkt. Als het maar goed gebeurt volgens de WEEELABEX-standaard en als het maar goed geregistreerd wordt. In de bedrijvenmarkt bijvoorbeeld laten veel organisaties hun oude apparatuur afvoeren door afvalbedrijven, die het zelf verwerken en het aan recyclingbedrijven leveren. Als dat

professionele, gecertificeerde bedrijven zijn die netjes opgave doen bij het Nationaal (W)EEE Register, is dat prima.”

Storm: “De stimulerende rol is minstens zo belangrijk als de regisserende rol. Als Wecycle partijen aanmoedigt om zoveel mogelijk in te zamelen en te registreren, draagt dat meer bij aan de circulaire economie dan wanneer zij alles per se zelf wil doen. Onze expertise heeft meer effect als wij die in partnership met andere partijen in de keten inzetten. En wij zijn er nog lang niet, hoor. Er verdwijnt nog steeds te veel e-waste in rest- en sloopafval, of tussen de kieren van het verwerkingsproces. Van wat er wel traceerbaar is, wordt nog lang niet alles geregistreerd. De zuiverheid van herwonnen grondstoffen moet verder omhoog, zodat zij ook voor de meest hoogwaardige toepassingen kunnen worden hergebruikt. De grootste stappen zetten wij samen, niet alleen.”

Bent u tevreden over de vorderingen?

Schonk: “Er is veel bereikt. Als ik de manier waarop het inzamelsysteem functioneert en de inzamel- en recyclingresultaten vergelijk met acht jaar geleden toen ik aantrad, dan zijn er grote stappen gezet. De partijen in de keten zijn veel meer op samenwerking gericht dan toen. Maar het gaat nooit zo snel als je zou willen.

Producenten zien ook zelf het belang van zorgvuldig gebruik van grondstoffen en zijn gevoelig voor hun reputatie op het gebied van duurzaamheid. De bedrijven nemen hun verantwoordelijkheid. Natuurlijk levert dit ook nog wel eens spanning op met de commercialiteit. Er is tijd nodig om dat daadwerkelijk om te keren. Uiteindelijk zal de consument aangeven hoe belangrijk duurzaamheid is in zijn of haar besluitvorming bij de aanschaf van elektrische apparaten.”

Storm: “Je hebt genoeg losse eindjes voor mij overgelaten, Wim. De circulaire economie is een kwestie van de lange adem. Maar het momentum is er.”

Retour, over inzameling en recycling van e-waste

Retour is een uitgave van de producenten en importeurs van elektrische apparaten en energiezuinige verlichting, verenigd in de NVMP. Hiermee houdt de NVMP u twee keer per jaar op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op het gebied van e-waste in Nederland en Europa. De standpunten van de producenten en importeurs over diverse onderwerpen vindt u op nvmp.nl. Hier staat ook nadere informatie over de productstichtingen die met elkaar de Vereniging NVMP vormen: Stichting Bruingoed, Stichting ICT Milieu, Stichting LightRec Nederland, Stichting Metalektro Recycling, Stichting Verwerking Centrale Ventilatoren, Stichting Verwijdering Elektrische Gereedschappen en Stichting Witgoed.