Zoetermeer,
13
november
2014
|
01:00
Europe/Amsterdam

Eerste hulp bij handhaving

Buitengewoon opsporingsambtenaar laat zien wat hij kan

Het succes van een nieuwe marktorde in e-waste, waarin alleen gecertificeerde verwerkers actief mogen zijn, staat of valt met effectieve handhaving. Het kan niet zo zijn dat een niet-gecertificeerde verwerker, doordat hij niet aan de regels voldoet, een betere prijs of lagere kosten biedt voor e-waste en daar mee wegkomt. Werk aan de winkel dus voor de sector en voor de inspectie. Wellicht kunnen private toezichthouders een handje helpen.

Er zijn honderden partijen actief in het sorteren, transporteren en verwerken van afgedankte elektronische apparaten en verlichting. Precieze aantallen zijn niet bekend, want lang niet iedere onderneming maakt dat bekend en heel wat bedrijven doen e-waste ‘erbij’, naast hun metaalhandel of afvalverwerking. Dat moet gaan veranderen. Vanaf 1 juli 2015 mogen uitsluitend gecertificeerde bedrijven e-waste verwerken en zij moeten precies registreren waar zij hun e-waste vandaan halen en welke verwerkte hoeveelheden zij aan wie leveren. Als het goed is zijn de e-wastestromen dan volledig in kaart gebracht en via de meldingen in het Nationaal (W)EEE Register te volgen.

Dat lukt alleen als iedereen volgens de regels werkt en dat gaat naar verwachting niet vanzelf. Niet alle bedrijven zullen zich bewust zijn van de nieuwe eisen en zonder certificaat of registratie doorwerken. Er zullen vast ook partijen zijn die zich bewust of onbewust aan de regelgeving onttrekken. Wie niet of maar half volgens de regels werkt, concurreert oneerlijk tegen de bedrijven die wel de kosten en moeite van certificering en registratie nemen en daarmee kunnen instaan voor hoogwaardige verwerkingsprocessen. De nieuwe marktorde gaat alleen werken als de regels streng en adequaat worden gehandhaafd.

Positie NVMP

De productstichtingen binnen de Vereniging NVMP onderschrijven de noodzaak van adequate handhaving ten volle. In het overleg met het ministerie van Infrastructuur en Milieu en de verwerkers zijn de handhavingsactiviteiten meermalen aan de orde geweest. NVMP kan zich heel goed voorstellen dat verwerkers die bereid zijn te investeren ook de garantie willen dat zij dat niet voor niets doen. De ervaring leert dat zonder handhaving degenen die het niet zo nauw nemen profijt hebben van het wel naleven van regels door de verantwoordelijk opererende bedrijven. Daarom neemt NVMP het initiatief om naar oplossingen te zoeken.

Inspectie heeft handen vol

Sociale controle kan de handhaving ondersteunen. Bedrijven in de metaalhandel en afvalverwerking hebben vaak goed zicht op wat ieder doet, wie zich aan de regels houdt en wie niet. Zij kunnen elkaar op schending van de regels en op oneerlijke concurrentie aanspreken. Zij kunnen dat in hun brancheverenigingen aan de orde stellen. Zij kunnen de inspectie tippen. Maar verder reikt de zelfregulering niet: als er ingegrepen moet worden, kijken zij naar de overheid. Het toezicht op de verwerking van e-waste ligt primair bij de Inspectie voor de Leefomgeving en Transport. Zij moet haar aandacht over een breed terrein verdelen. Op het hele terrein van transport en verwerking van afval zijn voor het hele land krap dertig controleurs in het veld. Een beroep op extra inzet ten behoeve van de handhaving van de regels voor elektronisch afval moet een plaats krijgen tussen de andere bestaande en nieuwe prioriteiten. Daar mogen geen wonderen van worden verwacht. Op regionaal niveau zijn de Omgevingsdiensten (regionale uitvoeringsdiensten) actief als loket voor vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van milieu, bouwen, natuur en water. Deze 29 regionale uitvoeringsdiensten – beter bekend als RUD’s staan dichter bij de afval verwerkende bedrijven en hen wordt een belangrijke rol in het toezicht toegedacht. Kenners van de sector tekenen echter aan dat de RUD’s pas in 2013 zijn gevormd en nog druk zijn met het ontwikkelen van de eigen organisatie, zodat niet onmiddellijk een gemeenschappelijke en effectieve handhaving op de nieuwe regelgeving voor e-waste verwacht mag worden.

De kracht van de BOA

Vandaar dat NVMP en verwerkers kijken naar nieuwe mogelijkheden van private ondersteuning in de handhaving. Een aansprekend voorbeeld daarvan is te vinden in de bestrijding van koperdiefstal, in de door de overheid opgetuigde ‘Actie Koperslag’. Deze actie, een publiek-private samenwerking tussen metaalhandel, politie, justitie en het ministerie van Veiligheid en Justitie, is in 2011 gestart om de koperdiefstal rond met name het spoor en elektriciteitsnet te bestrijden. Metaalrecyclers zijn sindsdien verplicht om aanbieders van koper om identificatie te vragen en de gegevens te registreren. Een privaat bedrijf, Verispect, voert de daartoe benodigde administratieve controles uit bij metaalbedrijven door het hele land. Controleurs van Verispect zijn als buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA) bevoegd om de registratie en legitimatieplicht te handhaven en als zij een overtreding constateren, wordt via een combibon opgetreden.

“Wij oefenen al veel langer het toezicht uit op weeg- en meetapparatuur in het kader van de Metrologiewet en op keurmerken op edelmetalen onder de Waarborgwet”, zegt directeur Cees van Mullem van Verispect. “Onze inspecteurs zijn dus wel vertrouwd met controles van metaalbedrijven. Wij hebben inmiddels een eigen databestand van de metaalbedrijven, wat ons een goed uitgangspunt biedt voor ons werk in de branche.”

Dat wil niet zeggen dat Verispect de controle op de registratie van kopertransacties er zomaar bij doet. “Zo’n administratieve controle is heel wat anders dan bijvoorbeeld de technische controle van een weegbrug”, zegt Van Mullem. De bevoegdheden die de BOA’s nodig hebben verschillen per wet. Daarom doet het bedrijf de verschillende controles in aparte rondes. Als Verispect zou gaan controleren op de certificering voor de verwerking van e-waste, dan vraagt dat ook een aparte opzet en aparte uitvoering. Daar zit volgens de directeur meteen de kracht van private handhaving. “De inspectie is belast met een brede wettelijke taak waarvoor zij een budget heeft en waarbinnen zij prioriteiten moet stellen. Verisprect krijgt daarentegen betaald per taak en per inspectie. Wij spreken precies af wat wij controleren, hoe vaak en hoe grondig en wij zijn gewend om dat projectmatig te organiseren. Dat is een compleet ander uitgangspunt. Omdat je vooraf afspraken maakt over de controle-intensiteit, kun je beter bepalen welk resultaat je daarmee gaat bereiken.”

 

Retour

Retour is een uitgave van de producenten en importeurs van elektrische apparaten en energiezuinige verlichting, verenigd in de NVMP. Hiermee houdt de NVMP u twee keer per jaar op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op het gebied van e-waste in Nederland en Europa. De standpunten van de producenten en importeurs over diverse onderwerpen vindt u op nvmp.nl. Hier staat ook nadere informatie over de productstichtingen die met elkaar de Vereniging NVMP vormen: Stichting Bruingoed, Stichting ICT Milieu, Stichting LightRec Nederland, Stichting Metalektro Recycling, Stichting Verwerking Centrale Ventilatoren, Stichting Verwijdering Elektrische Gereedschappen en Stichting Witgoed.